1. Kinderen in de stad groeien gezond en veilig op en kunnen zich daarbij maximaal ontwikkelen en ontplooien

Indicatoren jeugd

Data over bereik, beschikbaarheid en kwaliteit, duiding van deze data en kwalitatieve informatie laten ontwikkelingen zien en geven handvatten om onze schaarse middelen effectiever in te zetten en tijdig bij te sturen.

Bereik
Onderstaande grafieken tonen het aantal jeugdigen en gezinnen dat de afgelopen jaren instroomde en uitstroomde en in zorg was. Onze partners zetten zich in om de jeugdigen en gezinnen te bereiken die daadwerkelijk hulp en ondersteuning nodig hebben. We zijn ons ervan bewust dat dit niet in onderstaande grafieken staat. Samen met onze partners duiden we daarom deze data samen met kwalitatieve informatie. In deze grafieken is met name de invloed van het woonplaatsbeginsel (zie toelichting onder de grafieken) en corona zichtbaar. De grafieken zijn voorzien van een korte toelichting.

Basishulp buurtteams jeugd en gezin en ambulante specialistische jeugdhulp KOOS en Spoor030



Toelichting:

  • De 1 e grafiek toont per dag in 2019-2022 het aantal jongeren/gezinnen dat hulp en ondersteuning van de buurtteams jeugd en gezin kreeg en het aantal jeugdigen dat ambulante specialistische jeugdhulp van KOOS of Spoor030 kreeg.
  • De 2 e grafiek laat zien hoeveel jongeren/gezinnen per jaar in 2019-2022 in- en uitstroomden bij de buurtteams en hoeveel jeugdigen in 2019-2022 in- en uitstroomden bij ambulante specialistische jeugdhulp van KOOS of Spoor030. De schaal is per grafiek gebaseerd op het aantal jeugdigen/gezinnen in de betreffende zorgvorm en verschilt dus per grafiek.
  • In de afgelopen jaren is te zien dat steeds meer jeugdigen en gezinnen jeugdhulp krijgen. In 2022 is de lijn hoog, maar stabiel gebleven. In 2020-2021 is een stijging en een dip in de lijn van de buurtteams te zien als gevolg van onder andere corona en de instroom naar aanleiding van de toeslagenaffaire.
  • Vergeleken met andere gemeenten zijn er in Utrecht relatief minder jeugdigen die ambulante specialistische jeugdhulp krijgen en worden meer Utrechtse gezinnen geholpen door de buurtteams. Hierbij speelt mee dat in een deel van de andere gemeenten buurtteams geen of nauwelijks zelf jeugdhulp bieden en vooral de toegang tot jeugdhulp zijn.
  • In 2022 is er een betere balans tussen instroom en uitstroom dan voorgaande jaren. Bij de buurtteams, KOOS en Spoor030 is de instroom lager dan in 2021. Jeugdigen en gezinnen zijn langer in zorg.

Pleegzorg, gezinsgericht en niet-gezinsgericht logeren en wonen, Yeph



Toelichting:

  • De 1 e grafiek toont per dag in 2019-2022 het aantal jeugdigen dat in zorg was bij Yeph, of in pleegzorg, gezinsgericht logeren & wonen of niet-gezinsgericht logeren & wonen verbleef.
  • In de 2 e grafiek staat het aantal jeugdigen dat per jaar in 2019-2022 in- en uitstroomde bij Yeph of in pleegzorg, gezinsgericht logeren & wonen of niet-gezinsgericht logeren & wonen verbleef. De schaal is per grafiek gebaseerd op het aantal jeugdigen in de betreffende zorgvorm en verschilt dus per grafiek.
  • In vergelijking met het aantal jeugdigen in zorg bij de buurtteams en ambulante specialistische jeugdhulp zijn de aantallen in deze grafieken relatief klein. Dit maakt dat de stijging/daling van de staven soms zijn gebaseerd op een relatief klein aantal jeugdigen.
  • Als gevolg van het woonplaatsbeginsel zijn er in januari 2022 meer cliënten met verblijfszorg bijgekomen. Na januari zien we, net als in de voorgaande jaren, een licht dalende trend bij de verblijfszorgvormen niet-gezinsgericht logeren en wonen en essentiële functies (Yeph). Bij Yeph is in 2022 ondanks de extra instroom in januari sprake van een lichte daling van het aantal verblijfsdagen ten opzichte van 2021. Het aantal jeugdigen in pleegzorg en gezinsgericht logeren en wonen is in 2022 fors gestegen als gevolg van het woonplaatsbeginsel.

Beschikbaarheid


Toelichting:

  • Deze grafiek laat het aantal wachtenden per kwartaal in 2022 bij buurtteams jeugd en gezin, KOOS Utrecht en Spoor030 zien. Dit zijn de jeugdigen en gezinnen die nog geen (specialistische) jeugdhulp krijgen.
  • Buurtteam jeugd en gezin, KOOS en Spoor030 pakten spoedeisende vragen (zoals veilig thuis-meldingen, ernstige somberheid, eetstoornissen, schooluitval, suïcidaliteit, jonge kind) altijd direct op.
  • KOOS, Spoor030 en buurtteams bekeken samen met jeugdigen en gezinnen die wachtten of (tijdelijk) andere hulp (zoals buurtteams, sociale basis, eHealth) ingezet kon worden om de situatie deels te verlichten.
  • Een speerpunt was om de wachttijden in sommige wijken terug te dringen, aangezien die in sommige wijken langer waren dan we wilden en dan afgesproken met de partners. Zo was in Q1 2022 de wachttijd voor specialistische jeugdhulp in Overvecht langer dan in andere wijken (138 dagen ten opzichte van gemiddeld 83 dagen in andere wijken van Spoor030). KOOS en Spoor030 weten steeds beter in welke wijk welke hulpvragen zijn, en kunnen hier de teams beter op aanpassen, waardoor de teams beter in staat zijn om tijdig passend hulp te bieden. Daarnaast houdt Spoor030 voor een aantal vragen de jeugdigen die wachten op hulp bij per onderwerp in plaats van per wijk. Hierdoor is bij vergelijkbare vragen de wachttijd, onafhankelijk van de wijk, gelijk.

Bij de prestatiedoelstellingen is te lezen wat de buurtteams, KOOS en Spoor030 samen met andere partners deden om tijdig passende ondersteuning en hulp te bieden.

Kwaliteit

Onderstaande figuren tonen een optelsom van verschillende stellingen onder de noemers ‘ervaren toegankelijkheid’, ‘ervaren kwaliteit’ en ‘ervaren effect’. In de figuren zijn verschillende stellingen en vragenlijsten samengenomen: jongeren en ouders, zowel na start van een traject als na afsluiting van een traject. De vragen over het ervaren effect kunnen lastiger te beoordelen zijn voor respondenten die sinds kort zijn gestart met een traject. De figuren geven een globaal beeld maar laten niet de verschillen in moment van uitvragen zien. In de kwartaalgesprekken worden de resultaten met de betreffende aanbieder besproken.

 
 

  • Over 2022 zijn er bij de buurtteams jeugd en gezin 471 vragenlijsten ingevuld. In verband met het verkleinen van het risico op herleidbaarheid, is er een grens van minimaal 10 ingevulde enquêtes nodig, per vragenlijst en locatie, om resultaten te tonen. Hierdoor zijn er nu 316 vragenlijsten inzichtelijk.
  • Op alle drie de onderdelen zien we een overwegend positief beeld. Meer respondenten antwoorden neutraal op vragen die gaan over het effect van de verkregen hulp of ondersteuning.
  • Ruim 220 respondenten hebben aangegeven wat ze goed vinden gaan en wat er beter kan.

  • Over 2022 zijn er voor KOOS en Spoor030 133 vragenlijsten ingevuld. In verband met het verkleinen van het risico op herleidbaarheid, is er een grens van minimaal 10 ingevulde enquêtes nodig, per vragenlijst en locatie, om resultaten te tonen. Hierdoor zijn er nu 36 vragenlijsten inzichtelijk.
  • Op het onderdeel ervaren kwaliteit is een overwegend positief beeld te zien. Op de onderdelen ervaren toegankelijkheid en effect is het beeld wisselender: een groot aandeel respondenten geeft ‘neutraal’ aan. Dit kan komen doordat er op verschillende momenten is uitgevraagd, variërend van vlak na aanvang van de zorg tot na afsluiting van zorg. Op het onderdeel ervaren toegankelijkheid zien we ook iets meer negatief ingevulde antwoorden dan op de andere onderdelen.
  • Ruim 30 respondenten hebben aangegeven wat ze goed vinden gaan en wat er beter kan.
Deze pagina is gebouwd op 03/12/2024 17:16:34 met de export van 06/19/2023 09:24:48